Wat doe je in januari?

Deze maand kan er buiten niet meer gezaaid worden. In de kas of platte bak kunnen nog winterrassen van spinazie, bloemkool en tuinbonen gezaaid worden. De bloemkool en de tuinbonen kunnen dan half april in de tuin geplant worden. Zomerprei kunnen we binnen zaaien, als ze stevig zijn verspenen we de prei en zetten ze in de koude bak. In april kan de prei in de tuin geplant worden.
Het is nu ook tijd om je gereedschap in orde te maken. Verwijder het vuil en breng met een doek plantaardige olie aan op de metalen delen. Zit er roest op, verwijder deze dan eerst met schuurpapier. De houten delen worden behandeld met lijnzaadolie. Gereedschap dat scherp moet zijn kunnen we met een vijl van middelmatige fijnheid scherp vijlen. Daarna verwijderen we met een wetsteen de bramen. Let er wel op dat je het gereedschap aan de juiste zijde scherp maakt. Dat is de zijde die bij de aanschaf al geslepen was.
Maak nu ook een teeltplan. Bepaal hoeveel je van welk gewas wilt oogsten en wanneer. Hoeveel ruimte heeft dit gewas nodig?(plant afstanden) Sorteer de gewassoorten en bepaal de plaats in je tuin, houdt daarbij een ruime vruchtwisseling aan. Een wachttijd tussen de gewassen van 6 jaar zou ideaal zijn. Dit is bijna niet te realiseren omdat je niet van elke gewassoort evenveel nodig hebt. Voor kool-, ui- en peul gewassen wordt door VELT een wachttijd geadviseerd van 6 jaar. Voor andere gewassen 3 รก 4 jaar. Wil je van enkele gewassen ook nog zaad winnen dan moet je ook rekening houden met isolatieafstanden om kruisbestuiving te voorkomen. In de bodem zitten verschillende voedingstoffen, aaltjes, schimmels, insecten enz. Als je telkens het zelfde gewas op de zelfde plaats teelt, zullen de voedingstoffen, die deze plant nodig heeft, verminderen. De aaltjes, schimmels, insecten e.d. die dol op die plant zijn zullen zich vermeerderen. Gevolg: een slechte, zieke plant. Op de bodem die ontstaat nadat de plant geoogst is kan je een andere plant zetten, maar niet voor alle gewassen is die grond even geschikt. Een goede vruchtopvolging is aardappel >> wortelgewas>> vruchtgewas>> bladgewas>> koolgewas>> peulgewas>> aardappel. Dezelfde gewassoorten hebben ook ongeveer dezelfde bemesting nodig.

TUINTIPS van Koos:

Het zal een beginnende tuinier wel duizelen als hij/zij het bovenstaande leest. Ik zou eenvoudig beginnen met de tuin in te delen volgens het vruchtwisseling principe. Je zult merken dat dit nog een hele klus is.
Zelf maak ik een tekening van ieder veldje.

Bovenstaand een veldje van bladgewassen.
De bovenste regel de grootte van het veldje in m1 ( totaal 5 m1).
Verticaal de maanden van het jaar.
In het veld zie je de gewasgroepen getekend.
Wat zie je? B.v. Zomerprei staat hier van half maart tot half augustus. Je ziet meteen dat er nog plaats is voor snijsla en snijbiet. Dus twee oogsten op het zelfde veld.
Hieronder zie je de bijbehorende kalender.

De periode tussen het zaaien en poten van de prei staat niet op dit veld getekend omdat het pootgoed dan elders staat.
Dit schema kan je volgend jaar naar het volgend veld schuiven, eventueel aangepast aan de ervaring die je dit jaar op doet.
Mijn veldjes zijn 5 x 1,2m1, heb je een veldje met andere maten dan is de lengte anders maar de hoogte blijft 12 maanden (het is een vlakdiagram!)
.

Tot volgende maand,

Koos

Een uitgebreid overzicht voor alle zaai- en planttips vind je in de Moestuinkalender en wil je echt alles weten raadpleeg dan het Handboek Ecologisch tuinieren. Hierin worden alle teelten per gewas omschreven. Beiden zijn Velt-uitgaven en ook verkrijgbaar via FlevoVelt. Gebruik voor meer info het contactformulier.

Heel handig is de fenologische kalender. Download gratis.